Halloween, Vlaamser dan je denkt !?

Bron: document ‘Van ALLOWIN naar HALEWIJN tot HALLOWEEN : een wereldreis en terug’, pdf 18 pagina’s, geschreven en samengesteld door Dhr. Yves De Baets uit Kessel-lo.

Heer ‘Allowin’ of ‘Alwin’ of ‘Haluwin’ werd rond 589 geboren in een zeer vooraanstaande adellijke familie in Haspengouw. Aanvankelijk leidde Haluwin een onstuimig en losbandig leven, zonder enig respect voor God noch gebod. Hij stond bekend om zijn egoïsme, was een tiran voor zijn onderdanen en verkocht ze als slaaf. (Op latere leeftijd zou Haluwin tot inkeer komen en werd hij als ‘Bavo’ zelfs heilig verklaard. Maar dat is een ander verhaal.)
Een aantal historische bronnen vermoeden dat de zeer kwalijke reputatie van Allowin aanleiding kan gegeven hebben tot de Vlaamse legende en de ballade ‘Heer Halewyn zong een liedekijn’ :

Deze ballade zingt over een prinses die naar de zingende Heer Halewyn in het bos wil gaan. Haar ouders verbieden het omdat nog nooit iemand van dat avontuur teruggekomen is. Haar broer geeft haar echter toestemming om te gaan, als ze haar eerbaarheid maar bewaart. Heer Halewyn verlokt haar met een lied om haar daarna te doden. Hij is echter onder de indruk van haar schoonheid en vraagt aan haar hoe ze gedood wil worden. Ze kiest voor het zwaard (de adellijke manier, i.t.t. de galg). Dan blijkt echter dat de koningsdochter een list heeft bedacht: ze stelt voor dat Heer Halewyn zijn overkleed uittrekt, zodat het niet met haar bloed besmeurd zal raken. Terwijl hij zijn kleed uittrekt, grijpt zij haar kans en hakt zijn hoofd eraf.
Het afgehakte hoofd smeekt de prinses echter om een zalf aan zijn hals te wrijven en het hoofd er terug op te plaatsen. Zij weigert dat, stapt op haar paard en rijdt met het hoofd van Heer Halewyn naar huis. De koning is blij dat zijn dochter levend teruggekomen is en hij houdt een feestmaal.

1051. Machteld van Vlaanderen, in Frankrijk beter bekend onder de naam “la reine Mathilde” van de “tapisserie de Bayeux”, wordt aan Willem de Veroveraar uitgehuwelijkt. Als gevolg hiervan, sluiten heel wat ridders uit alle streken van Vlaanderen zich bij het leger van Willem aan. Het “Normandische” leger van ongeveer 6000 man waarmee Willem de Veroveraar het Kanaal overstak om de Engelse kroon in te palmen, bestond dus zeker niet alleen uit Normandiërs. Op de beroemde tapisserie de Bayeux, die het relaas over deze oorlog weergeeft, vind je trouwens Vlaamse wapenschilden op een aantal schepen en zeilen afgebeeld.
De deelname van veel Vlamingen aan de inval in Engeland was niet alleen het gevolg van de familiebanden van Willem de Veroveraar met Vlaanderen, maar ook van het feit dat Vlaanderen op dat ogenblik overbevolkt was en dat, als gevolg van zware stormen en overstromingen, er minder landbouwland beschikbaar bleef. Veel Vlamingen, vooral wevers, weken uit naar Engeland en namen dienst in het leger van Willem de Veroveraar. Zeer velen zullen zich definitief in Engeland vestigen.
Zij kregen geld en gronden maar moesten wel bereid zijn de veroverde gebieden ten voordele van de invallers te verdedigen.

De Vlamingen die als huurlingen naar Engeland gekomen waren, werden vredelievende ambachtslui. Ze brachten hun kunde en kennis mee, onder meer op het gebied van landbouw, metaalbewerking,… maar bleven hun eigen taal, tradities en leefgewoonten getrouw. Velen vestigden zich in de streek rond Wales. De Vlaamse legende van de bloeddorstige heer Haluwin zal daar zeker donkere avonden aan de haard hebben gevuld.

Een ingewikkelde intrige in het Ierse Koningsdom zorgt ervoor dat er vanuit Wales heel wat ontschepingen en veldslagen plaatsvinden die uiteindelijk op het einde van de 13e eeuw zullen leiden tot de kolonisatie en onderwerping van Ierland. Het is historisch gedocumenteerd dat het leger van “Normandische” strijders grotendeels uit Vlamingen bestond die via Normandië via Engeland naar Wales waren geëmigreerd. Engelsen, Welshmen, Fransen en Vlamingen vestigden zich in hun nieuwe gebied. De Vlaamse legende van de bloeddorstige heer Haluwin vond dus in Ierland in de meegekomen Vlaamse volksaard een vruchtbare grond om verder te overleven!

1845-1850. De Ierse hongersnood treft Ierland. Voor hun voedselvoorziening waren de Ieren grotendeels afhankelijk van de aardappeloogst. Toen 90% van deze oogst mislukte, stierven meer dan een miljoen Ieren en vluchtten twee miljoen Ieren (al dan niet gedwongen) naar Noord-Amerika, Australië, Nieuw-Zeeland en Groot-Brittannië. Veel reisgoed zullen ze wel niet meegedragen hebben behalve iets immaterieels: de mooie legende van de heer Haluwin !

De legende van Haluwin wordt zo over de hele wereld verspreid maar krijgt in de Verenigde Staten een toch ietwat merkwaardige evolutie : HALLOWEEN.

Een betwistbare alternatieve uitleg (http://nl.wikipedia.org/wiki/Halloween#Controverses) zoekt de oorsprong van HALLOWEEN enkel en alleen in een Keltische traditie en ignoreert de belangrijke middeleeuwse Vlaamse inbreng in de geschiedenis van Ierland en Schotland ! Deze uitleg stelt:
De naam “Halloween” is afgeleid van Hallow-e’en, oftewel All Hallows Eve (Allerheiligenavond), de avond voor Allerheiligen, 1 november. In de Keltische kalender begon het jaar op 1 november, dus 31 oktober was oudejaarsavond. De oogst was binnen, het zaaigoed voor het volgende jaar lag klaar en dus was er even tijd voor een vrije dag, het Keltische Nieuwjaar of Samhain (uitspraak Saun, het Ierse woord voor de maand november).

Samhain was ook nog om een andere reden zeer bijzonder. De Kelten geloofden namelijk dat op die dag de geesten van alle gestorvenen van het afgelopen jaar terug kwamen om te proberen een levend lichaam in bezit te nemen voor het komende jaar.
Op het eiland Groot-Brittanië werd Halloween vooral door de Kelten gevierd. De geesten die uit dode mensen op zouden rijzen, werden aangetrokken door voedsel voor hen neer te leggen voor de deuren. Om echter de boze geesten af te weren droegen de Kelten maskers. Toen de Romeinen Groot-Brittannië binnenvielen, vermengden ze de Keltische traditie met hun eigen tradities, die eind oktober natuurlijk de viering van de oogst betroffen en ook het eren van de doden.

In de negende eeuw van de huidige tijdrekening steekt een Europees christelijk gebruik de zee over en vermengt zich met het Halloweenfeest. Op Allerzielen – 2 november – gingen in lompen gehulde christenen in de dorpen rond en bedelden zielencake (brood met krenten). Voor elk brood beloofden ze een gebed te zeggen voor de dode verwanten van de schenker, om op die manier zijn bevrijding uit de tijdelijke straffen van het vagevuur te versnellen en zodoende zijn opname in de hemel te bespoedigen. Het “Trick or Treat” spelletje vindt wellicht daar zijn oorsprong.
In de Verenigde Staten maakt het feest vooral opgang in de tweede helft van de 19e eeuw, toen grote groepen Ierse en Schotse immigranten het land binnenkwamen. In de VS duikt dan de bekende jack-o’-lantern-pompoen op, die in de hele wereld wellicht het bekendste gezicht van Halloween is.

En die uitgeholde pompoen, wat is daar de betekenis van ?

Voor deze blog heb ik het genoegen gehad een samenvatting te maken van een lijvig en zeer goed historisch onderbouwd document geschreven en samengesteld door Dhr. Yves De Baets uit Kessel-lo.
Uiteraard samengevat en gepubliceerd hier met zijn toestemming, waarvoor dank Yves.

Geïnteresseerd in het volledige document met alle gedetailleerde historische verwijzingen en historische bronnen van Yves De Baets?
Stuur mij dan een berichtje en ik breng je graag in contact met Yves De Baets.

Advertenties